De energietransitie: vertrouwen in elkaar en in de toekomst

“Dit is geen kabinet van stilstaan”, zo opende Gert-Jan Segers op woensdag 31 januari zijn lezing voor zo’n negentig geïnteresseerden in een vol Publieke Zaken-kantoor. In zijn speech blikte de ChristenUnie-leider vooruit op het dit jaar te sluiten Klimaat- en Energieakkoord.

Segers sprak zijn bewondering uit voor minister Wiebes. “Hij is in staat geweest om in korte tijd een stilliggend project weer op gang te brengen.” Wiebes’ politieke kleur staat hem daarbij absoluut niet in de weg. “Het is niet liberaal om je troep niet achter je op te ruimen”, aldus Segers. “Zo kan je samen verder.” Hij benadrukte dat Groningen op dit moment bovenaan de kabinetsagenda staat.

De tweede uitdaging is om ervoor te zorgen dat mensen met een smalle beurs ook mee kunnen doen aan de energietransitie. “Ik maak me zorgen om energiearmoede”, zei Segers. “De transitie in de gebouwde omgeving is een enorme opgave, niet in de laatste plaats in het sociale domein.” Hiervoor moet nog een bestuursakkoord worden afgesloten. In reactie op de vraag of nul-op-de-meter essentieel is, antwoordde hij dat nieuwbouwwijken anders worden gebouwd. “Als nul-op-de-meter een norm is, moet alles en iedereen eraan werken om die te halen.”

Naast de huishoudens hebben we natuurlijk ook de industrie nodig om de klimaatdoelen te halen. Wie het Regeerakkoord leest, kan niet om Carbon Capture and Storage (CCS) heen. “Waarom moeten we nog een akkoord sluiten als we het antwoord al weten?”, klonk het uit de zaal. “Dit kabinet wil niet achterblijven bij het Akkoord van Parijs,” bevestigde Segers. Volgens hem zijn de middelen om de geformuleerde klimaatdoelstellingen te halen van ondergeschikt belang aan het doel zelf. “Zonder CO2-opslag wordt het lastig om de ambities van ChristenUnie en D66 waar te maken.”

Ten slotte werd de Nederlandse innovatiekracht besproken. “Wind op zee is ontwikkeld door innovatie”, stelde een bezoeker. “Hoe realiseren we meer innovatie als er niet genoeg technici zijn?” Segers gaf aan dat de overheid slechts beperkte invloed heeft om jongeren voor technische studies te laten kiezen. “Het is moeilijk om in te schatten waar iemand over vier jaar terecht moet komen, in een technologie die telkens vooruit gaat.”

Toch sloot de ChristenUnie-voorman af met een positieve boodschap: “Innovatie zit in ons DNA. De economie en samenleving passen zich snel aan en ondernemers zien altijd kansen. Dat stemt mij hoopvol”.

 

Search